Marathon Rotterdam 2018

nog nooit had ik zoveel zin om een marathon te lopen en vervolgens nooit meer een marathon wil(de) lopen.

Nog nooit maar dan ook nog nooit had ik zoveel zin in een marathon. Geen druk, lekker relaxed en genieten van de sfeer. Bij een marathon komt het punt waar je over gaat op het mentale vlak en de strijd met jezelf aan gaat. Maar daar hou ik juist van en dat maakt een marathon voor mij zo mooi. De runners high na een marathon geeft mij een enorme kick. Tot gisteren. Geen runners high en geen kick, alleen maar strijd.

Om 5:45 ging de wekker na een goede nacht rust. Wel had ik getranspireerd wat normaal alarm bellen doen rinkelen maar het enige wat rinkelde was mijn wekker. Ik sprong zowat op en begon aan mijn ontbijtje. Nog niet veel zenuwen te bekennen maar mijn buikje zat niet helemaal lekker. Dat zal wel zakken dacht ik.

Op weg naar Rotterdam. Dat liep voorspoedig tot dat we bij de P+R aan kwamen. Een dikke file voor de poortjes. Er was er 1 kapot waardoor er maar 3 auto’s in 1 minuut door konden. Dat schoot echt voor geen meter op en de tijd begon al aardig te dringen. Ik besloot om uit te stappen en alvast metro kaartjes te kopen en een parkeerplekje te zoeken om tijd te besparen. Nu kreeg ik al meer zenuwen en raakte lichtelijk in paniek. Vlug naar het beursgebouw waar ik mijn startnummer op moest halen. Weer een grote rij… Ik had nog wel wat tijd maar op zo’n moment wil ik alles behalve haasten. Start klaar liepen we naar┬á wave 2. Omdat de start nu op een andere plek was moest ik langs een paar start waves af en dat was 1 grote mieren hoop. Mijn hartje begon steeds sneller te kloppen.

Iets voor 10 stond ik ready in mijn start vak. Om 7 over 10 zou ik starten. Even mentaal voorbereiden. De beentjes waren wat zwieberig maar ik dacht toen nog dat het de spanning was. Ik was immers in orde. Samen met Theo sprak ik nog even ons plan door en was klaar om te vertrekken.

Meteen de brug op, die heb ik mooi gehad en straks nog 1 maal terug. Het tempo was vrij hoog maar had er geen problemen mee. Probeerde om het iets te laten zakken, het hoefde niet zo hard en wilde geen risico’s nemen. Ik liep in de buurt van de 3:30 ballon en besloot om daar een stukje afstand van de houden en dat tempo aan te houden. Mijn horloge had ik wel om maar was ik niet zo op gefocust.

Bij km 14 stond Theo langs de kant en dat is ook de enige keer dat IK hem heb gezien. De andere keren heb ik dwars door hem heen gekeken. Het ging niet meer zoals op het begin want het was echt heel warm. Ik wist dat ik het kon dus zette op dezelfde voet door. Maar bij km 18 wist ik al dat het foute boel was. Het leek als of ik stil stond, mijn benen zwaar belabberd. Ik keek nog eens naar mijn ronde tijden en die zagen er nog goed uit alleen voelde ik mij totaal niet zo. Mentaal was ik sterk dus gaf er niet aan toe. Mijn hoofd wilde wel maar mijn lichaam niet.

De temperatuur steeg en mijn tempo daalde. Ik nam nog een gelletje wat voor even hielp. Bij de waterpost pakte ik zoveel mogelijk water aan. 1 om te drinken, 1 om mijn vingers in te doen, 1 voor over mijn hoofd en als het kon nog 1 om te drinken. Daardoor kreeg ik enorme steken maar het bracht me weer een kilometer verder. Bij de sponzen nam ik er 2 voor in mijn shirt, 1 voor over mijn hoofd en 1 voor in mijn hand. Ook dat hielp mij weer een kilometer verder. Zo liep ik van post naar post en was pas op de helft. Dit was killing.

Het is meerdere malen door mijn hoofd gegaan. Uitstappen en accepteren dat het niet gaat. Maar ik wilde alles op alles zetten en kijken hoever ik zou komen. Iedere kilometer was er tenslotte 1. Kreeg niets meer mee van het publiek en stond op standje overleven. Ja ik vroeg mezelf af waarom doe ik dit en wat vind ik hier nu leuk aan. Nou gisteren helemaal niets.

Ik tutter door in de hoop de finish te bereiken. Kilometer 30 inmiddels, neem de tijd om te drinken en mezelf te pushen naar de volgende post. Kilometer 35, het einde komt langzaam in zicht. Het woordje opgeven zette ik uit mijn hoofd want al was het kruipend, die 10e plak ga ik halen.

Nog 1 gelletje had ik over, voor de finale. Maar te vroeg nemen kon ook verkeerd uitpakken zodat ik als nog bij kilometer 40 zou stranden. Kilometer 37, Theo kwam naar mij toe gerend want ik zag en hoorde helemaal niets meer. Blik op oneindig en doorgaan. Zijn motiverende woorden en een volle bidon water brachten mij naar kilometer 39. Het gelletje zat er ondertussen in en kon bij de 40 kilometer weer verkoeling nemen. Er bleek een eind te zitten aan deze hel toen ik het 41 kilometer bord passeerde. Ik draaide de Coolsingel op, op weg naar de 10e overwinning. Man, man, man wat was dit zwaar, wat heb ik afgezien. Nee deze keer geen kippenvel tot over mijn oren en ook geen runners high. Maar wel een medaille.

Geen benut van tijd, wat me ook niets uitmaakte ging ik opzoek naar Theo. Huilend en teleurgesteld viel ik in zijn armen. Teleurgesteld dat mijn lichaam mij in de steek liet en de zon spaghetti maakte van mijn benen. Daar baal ik gewoon. Wel ben ik heel blij dat ik niet heb opgegeven. Ik kwam voor een medaille en ga heel ver om die te behalen.

Zo zie je maar, ook na 9 marathons is het nog steeds geen eitje. Ze noemen het Rotterdam #demooiste al telt dat niet voor mij.

Soms zit het mee en soms zit het tegen maar ook daar worden we sterker van.

start vak

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *